De beer in Roemenië

Een aanvankelijk als wandelvakantie bedachte vakantie in Roemenië ging niet door omdat er volgens de plaatselijke gids teveel beren in de bossen zouden zitten en veel van de wandelingen door bosrijk terrein gingen. De wandel- werd een autovakantie. Waarbij je, door die auto, eigenlijk veel meer ziet dan je dacht.

Opeens reden we langs een plek die ik kende van een serie die Floortje Dessing maakte over onze relatie met dieren. De beer kwam daar bij ook aan de orde en zij bezocht een opvangplaats voor bruine beren.

Tot 8 jaar terug mochten circussen in Roemenië beren “houden.” Nu dat verboden is – bedenk dus dat deze discussie niet alleen in overgereguleerd Nederland plaatsvindt – zijn er ruim 130 beren in de opvang gekomen. Overbodig te zeggen dat je bruine beren die soms tientallen jaren in gevangenschap hebben gezeten niet weer los laat. Dat zouden ze totaal niet aan kunnen. Daarnaast was het nogal gewoon om een beer als bezienswaardigheid in een kooi naast je huis of benzinestation te houden. Gewoon: omdat het, blijkbaar, kon. Voor de heb.

Ruim 130 beren zitten dus in deze opvang. Het zit heel gemoedelijk naast elkaar, want: geen gebrek. Dat klinkt wrang, na alle gebrek die zij hebben gehad. Maar iedere dag worden ze gevoerd, de maag is vol en wat zou je dan nog ruzie maken? Het is het bekende kiezen uit twee slechten: gevangenschap in een zekere “vrijheid” of afschieten.

De aardig grote groep bezoekers op een druilerige dag in wat toch het naseizoen is, verbaast me. Tegelijkertijd verhaalt de gids vol vuur en vlam, ontdaan van een zekere emotie zijn verhaal, anderhalf uur lang. De beren worden daarbij individuen met naam en toenaam. Het ziet er benaderbaar uit, maar streng wordt gewaarschuwd niet te dichtbij te komen. Een bruine beer is en blijft een wild dier. En dat is maar goed ook. Ik heb enorme bewondering voor de mensen die dit opgezet hebben en verbaas mij over de enorme omvang van het terrein, die, zoals blijkt, de raaf ook goed doet. Honderden zwermen over het gebied heen, afkomend op het voer voor de beren en het aas.

De beer in Roemenië. Allerlei gedachten gingen vooraf aan de reis naar Roemenië. Waarom het er opeens zo veel waren, onverwacht? Had het met de oorlog in Oekraïne te maken? Een zekere neiging de bewoonde wereld op te zoeken, op zoek naar voedsel? Illegale houtkap door plaatselijke maffia in de Karpaten, dus verstoring, van het leefgebied van de beren daar?

De berenpopulatie leek vooral gegroeid doordat er jarenlang een jachtverbod was geweest. Het gaat dus goed met de beer. Maar ja, net zoals met de wolf in Nederland, hebben mensen daar hun eigen gedachten over. Er wordt ook nog steeds – illegaal – op de beer gejaagd. Niet dat hij zich daardoor laat wegjagen.

Geluiden gingen dat er beren gespot konden worden op de weg door de Karpaten, in de jaren zeventig aangelegd onder dwang van Ceausescu. Meer dan 80% van de weg afgelegd was er nog niets te zien geweest en opeens tot je stomme verbazing rollebollen er twee jonge beren op de weg, onder toeziend oog van pa of ma.

Er is even geen verkeer voor of achter ons en een paar minuten laten de beren zich bijna onbespied zien. Je staat toch gek te kijken. Natuurlijk, juist dit gebied rond de weg in het bosrijke deel is goed bedeeld met de bruine beer. Maar: wat gaat zo’n beer nu op het asfalt zoeken? De warmte van het asfalt? Gelokt door toeristen of andere weggebruikers die iets voor de beer achter laten? Dar zit óók weer een tragedie aan vast: het voer maakt de beren ogenschijnlijk tam. Ze zijn op de één of andere manier opportunistisch en “tam” te krijgen. Hoe waren ze anders ooit dansend in en circus verschenen?

Ze kunnen echter zo tam worden dat ze te dicht bij mensen komen. Correctie: de mens komt te dicht bij de beer.

Dat blijkt ook wel, niets menselijks is ons vreemd, we later nog een keer omdraaien op de weg om ze nóg een keer te zien. Inmiddels hebben zich auto’s geposteerd voor de beer en zijn welpen, en wel zo dichtbij dat één van de beren tegen de zijkant van een auto gaat staan. Waar is dát nu voor nodig, denk ik dan? Je bent niet op wildsafari. En dan nóg hou je afstand.

Maar je, de bruine beer… heeft het zich wel erg comfortabel gemaakt op de Transfagarasan bergweg. En zo’n vangrail is een mooie rustplek. Omdat we zo dierentuin geconditioneerd zijn, lijkt het wel alsof we door een berenverblijf rijden. Up close and personal. JE bent bijna in een soort trance door de beer. Hele volksstammen de afgelopen vele duizenden jaren voelden zich al aangetrokken tot dit mythische dier. Iéts daarvan vóel je, maar het onder woorden brengen kan ik niet en dat hoeft ook niet.

Hoe dan ook waren het twee opmerkelijke ervaringen met de bruine beer in Roemenië, waarbij te hopen is dat de nog vrij recente verandering in relatie tot dit dier door zijn aantal niet weer als bedreigend ervaren gaat worden.

Zijn leven ligt in handen van ons gedrag.

Gepubliceerd door Thomas Kamphuis

Gepassioneerd Vikingtijd, natuur en cultuur liefhebber.

Plaats een reactie