Het is gek als het 9, 10 februari is, en nu al de muziek van Talk Talk’s Colours of spring door mijn hoofd gaat. Voorjaar? Dat gevoel overviel je toch ooit – nog in de jaren 80, 90 – pas in de tweede of derde week van maart? We leven in een heel vreemde tijd, waarbij alles wat gewoon was en je nog heel bewust hebt meegemaakt, zo ver weg is geworden. Alsof je al véél langer leeft dan de tijd aangeeft. Nu februari. Begint het gevoel van lente straks al in januari? Of, zoals al eens is geweest, in december (december 2015)? De verdwijnende tijd. Omdat de seizoenen verdwijnen.
Uitlopende struiken, narcissen en een tjiftjaf in de tuin.
Hoog tijd om dat – briljante – album van Talk Talk, wat uit kwam in februari 1986 eens te bespreken. Colours of Spring, geheid in mijn top 5, misschien wel 3. Met Colours of Spring slaat Talk Talk de brug van de synthgestuurde muziek naar zuiver non-elektronische muziek (als je daar een versterkt Hammond orgel ook onder mag scharen.)
De plaat trapt af met Happiness is easy en ik ben gelijk terug in die eerste zachte winters aan het einde van de jaren 80 van de 20ste eeuw. Winters, die een verre voorbode waren van het, nagenoeg, geheel verdwijnen van de winters anno nu. De combinatie van piano – vooral die – contrabas en Hammond orgel – pas jaren terug las ik dat niet minder dan Steve Winwood mee speelt op Colours of Spring, werken betoverend. Happiness is easy is nog een heel ritmisch nummer, maar toch zijn er, als je goed luistert, al wat van die vervreemdende effecten te horen in de muziek, die, met Spirit of Eden (1989) en Laughing stock (1991) pas tot het minimalisme zouden leiden en geschaard zouden worden onder de post-rock.
I don’t believe in you is een meeslepend nummer. Het tempo wordt teruggeschroefd en ‘When the fun is over, where do words begin.’ Tijdloos verschrikkelijk mooi. De overgang naar gitaarsolo en orgelsolo zijn van een betoverend niveau en gelijk zit ik weer met mijn hoofd op dat zolderkamertje op de Pauwenlaan, ’s avonds tijdens één van die zachte winteravonden van eind jaren 80. Liefdesverdriet en wat al niet meer. Als íets troostte was het Talk Talk in die dagen.
Life what’s you make it is het meest “luide” nummer van Colours of Spring. Omdat het de single toen was, heb ik het misschien íets te vaak gehoord en is het daarom het minste blijven hangen De clip op MTV echter wel. In een donker bos. Mysterieus, zoals veel op “Colours” met mysterie omgeven is.
Dat wordt gelijk duidelijk met één van de hoogtepunten. April 5th. En niet alleen van dit album. Hat is misschien wel het mooiste nummer ooit gemaakt, samen met Chameleon Day. Hoe gek echter herinnering werkt blijkt met April 5th (ja, er waren ooit jaren waarbij je pas op 5 april aan de lente ging denken !) Er zit een soort ritmebox in het nummer wat ik mij totaal niet herinner.
Here she comes
Silent in her sound
Here she comes
Fresh upon the ground
Come gentle spring
Come at winter’s end
Gone is the pallow from a promise that’s nature’s gift
Waiting for the colour of spring
Let me breathe
Let me breathe the colour of spring
Here she comes
Laughter in her kiss
Here she comes
Shame upon her lips
Come wanton spring
Come for birth you live
Youth takes it’s bow before the summer the seasons bring
Waiting for the colour of spring
Let me
Let me breathe
Let me breathe you
Let me breathe
Let me breathe you
Let me breathe
Ieder superlatief schiet tekort bij dit nummer. Het is teer, introvert, hoopvol en minimaal tegelijk. De vervreemdende effecten komen hier sterker voorbij. Hoe vaak ik dit nummer niet heb gedraaid. Dit is waarom Talk Talk zonder meer één va de beste bands aller tijden is. Het is ook het nummer waarbij je het duidelijkst hoort dat Talk Talk zich aan het terugtrekken is in een cocon. Een cocon die de 5 jaar daarna nog twee vervreemdende platen zal opleveren, waar geen hitsingle op staat, maar die je na ruim 30 jaar nóg niet doorgrond en blijven trekken aan je. Tenminste; zo vergaat het mij. De raadselachtigheid voorbij. April 5th is een nummer wat sterft in schoonheid.
Living in another world is weer een single en schud de boel weer wakker. Hoogtepunt hier is de mondharmonicasolo die zich door een lentemist scheurt. Zei ik daar mist? Ook al zo’n verschijnsel wat we steeds minder hebben. Zeker in de overgang van winter naar voorjaar, zoals zo gewoon was. Ooit.
Give it up is een mid tempo nummer die alleen maar aan de raadselachtigheid toevoegt:
Or tell me why I’m so wrong
Where does luck come from
When you’ve never been without
Begint hier het verlangen naar stilte en terugtrekken van Marc Hollis?
Gotta give it up roept Hollis het uit. Wat hij nu precies met de tekst bedoelde? We kunnen het niet meer vragen. 25 februari aanstaande is het alweer 5 jaar gelden dat hij overleed. Bizar dat het alweer 5 jaar geleden is. Dat heeft die coronaperiode gedaan – het zijn onzichtbaar geworden jaren geworden die de tijd versneld hebben op de één of andere manier.
Chameleon day zou zó al op Spirit of Eden kunnen staan. Vervreemdende effecten en dan .. die ijle pianoklanken en dat hémelse Cha-me-le-on dayyy.. van Hollis er overheen.
Only of the night
And it’s darkness am I calling
Only of the night
My relief in it’s falling
Breathe on me
Eclipse my mind
It’s in some kind of disarray
Killing time,
I cradle fire
Chameleon day
Ik val stil..
Nog geen 3,5 minuut van onaardse muziek. Hoe ver kun je verwijderd zijn van een eerste album?
Colours besluit majestueus – dat is het woord – met het meeslepende en troostrijke Time it’s time. Alles vind het hoogtepunt in een eruptie van gospelkoor en een ritme wat niet lijkt te stoppen. In retrospectief lijkt het nummer een afscheid van de “oude” Talk Talk.
Het is goed zo.
Talk Talk is klaar om te sterven in schoonheid.